Hoofdstuk “M/V op zwikhakken, noemde haar vader ze vroeger.”

Leo en Leonoor

Sinds kort voelde Leonoor zich erg onrustig in haar eigen huis. Elk moment van de dag kon Leo, de vader van Peggy, aanbellen voor een praatje. Want de beste therapie om te herstellen van zijn hartinfarct was volgens hem “een luisterend oor”. Al een paar maal had hij zich gemeld voor een kop koffie, zowel in de ochtend als in de middag. Het luisterende oor kreeg lange monologen te verwerken. Over zijn ingewikkelde werk als rechter, het doelloze leven van een gepensioneerde en zijn mislukte huwelijk.

De laatste keer moest Leonoor heftig blozen toen hij zei: ‘Leo en Leonoor, dat klinkt helemaal niet gek.’ Met een wapperende krant probeerde ze zichzelf af te koelen. ‘Een opvlieger,’ begreep hij. Mijn vrouw, ik bedoel ex, had ook zo’n last van de overgang. Wat was dat mens kortaangebonden. En futloos omdat ze zo slecht sliep. En ze had helemaal geen zin meer in seks.’ ‘Was dat de reden van jullie scheiding?’ vroeg Leonoor. Ze was blij dat ze zelf nog wél wilde vrijen. Maar wat graag zelfs. ‘Ik heb die scheiding in gang gezet,’ antwoordde Leo. Omdat ik eindelijk durfde toe te geven dat ik op mannen viel.’

Even was het pijnlijk stil. Leonoor haalde diep adem. ‘Dus je bent homo,’ was haar logische conclusie. ‘Wat gek. Dat heeft Peggy me nooit heeft verteld.’ Leo vond het ook vreemd, want zijn dochter werkte bij de televisie en daar stikte het toch van de homo’s. ‘Maar je vader…. Dat is natuurlijk andere koek,’ bedacht Leonoor. ‘Peggy heeft waarschijnlijk altijd gedacht dat jullie huwelijk klopte. Het lijkt mij behoorlijk choquerend als je vader ineens een andere kant op gaat. Hoe kwam je er precies achter?’ ‘Dat is een lang verhaal,’ zei Leo. En hij liep opnieuw leeg. Met stijgende verbazing hoorde Leonoor zijn ontboezemingen aan.

De apotheose van Leo’s verhaal was, dat hij zich af en toe graag als vrouw verkleedde. Leonoor wist niet wat ze daarmee aan moest. Ze was een ruimdenkend mens, opgegroeid in de jaren zestig en zeventig, en het kon haar niets schelen dat hij gay was. Maar een man in vrouwenkleren? Die types dirkten zichzelf vaak meer op dan vrouwen. Met van die hoerige pruiken. M/V op zwikhakken, noemde haar vader ze vroeger. Ach jee, dacht Leonoor. Arme Peggy. Je vader als travestiet. Logisch dat ze nooit iets had gezegd. Tot overmaat van ramp kwam Peggy’s vader met nog een onthulling: ‘Als ik uitga als vrouw, heet ik Leonoor. Grappig hè?’