Hoofdstuk “Ben je ooit vreemdgegaan?”

Peggy’s pa

Peggy had haar vader nog nooit zo zenuwachtig gezien. Hij deed zijn verhaal op de punt van de stoel tegenover haar en pulkte voortdurend aan zijn nagels. Zelf schoof Peggy steeds verder naar achteren in haar witleren bank. Het liefst was ze achter een van de kussens weggekropen om zichzelf tegen zijn woorden beschermen.

Hij deed uit de doeken hoe hij het kort na zijn huwelijk al ontdekt had. Dat hij dus niet alleen tientallen jaren haar moeder maar ook zichzelf had bedrogen. En zijn kinderen. Iedereen eigenlijk. Maar zijn bezigheden en zijn gezin hadden eerlijkheid in de weg gestaan. Dat is wel de goede volgorde, dacht Peggy. Eerst zijn werk, dan haar moeder, haar broer Tom en zij. Haar moeder had het idee dat hij laatste maanden helemáál de weg kwijt was. Peggy’s nieuwsgierigheid won het uiteindelijk van de weerzin tegen dit gesprek.

‘Ben je ooit vreemdgegaan?’ vroeg ze. ‘Details hoef ik niet te horen, alleen maar ja of nee.’

‘Nee,’ zei hij. ‘Ik heb me niet laten verleiden.’ Braaf, dacht ze cynisch. ‘Behalve dan een enkele stiekeme verkleedpartij,’ vervolgde hij. ‘Dat heb je ongetwijfeld van je moeder gehoord. Zo is ze erachter gekomen. Nog maar kortgeleden trouwens.’ Haar moeder had laatst een rok willen aantrekken die ineens uitgescheurd bleek. ‘Dankzij de brede heupen van je vader,’ vertelde ze aan Peggy zonder haar op dit drama voor te bereiden. ‘En ik maar denken dat ik te dik was geworden. Ik begon onmiddellijk met lijnen.’ Dat dieet had maar kort geduurd. Haar moeder was alle ellende inmiddels aan het wegvreten, waardoor ze hoe dan ook niet meer in die rok paste.

‘Maar iemand die gay is hoeft zich toch niet per se in vrouwenkleren te hijsen?’ Peggy kreeg een visioen dat haar oprispingen bezorgde. ‘Of wil je je laten ombouwen?’ vroeg ze angstig.

‘Nee, natuurlijk niet. Het is gewoon lekker om af en toe te doen alsof.’ Ineens begon het haar te dagen. Het beeld van pa in zijn zwarte toga zat voor eeuwig op haar netvlies.

‘Dáárom ben je rechter geworden,’ riep ze uit. Even maakte ze een gedachtesprong van toga naar togus, maar die drukte ze meteen weg. Het was allemaal te erg voor woorden. Opgelucht omdat hij dacht dat ze een grapje maakte, begon haar vader te schateren. Peggy was bang dat de buren hem zelfs konden horen. Had ze weer wat uit te leggen aan Estelle.

‘Zou je me een keer leuk willen opmaken?’ bulderde hij.

Wat een bizar gevoel voor humor, dacht Peggy.

‘Meid, ik lig in een deuk,’ zei haar vader ten overvloede. Was het de associatie met haar beschadigde auto waardoor Peggy zich plotseling zo verdrietig voelde?